headerimage

WAT VOORAFGING

Droom van Peter Benoit (1898)


Met de opening van deSingel ging een droom van Peter Benoit (1834-1901) in vervulling. In 1867 werd de componist directeur van de Antwerpsche Vlaamsche Muziekschool, die dankzij zijn nooit aflatende bemoeienissen door het rijk werd erkend en in 1898 Koninklijk Vlaamsch Muziekconservatorium werd. Benoits ideeën reikten verder dan de opleiding van studenten en de vorming van kunstenaars: hij droomde ervan de hele bevolking te betrekken bij het internationale muziek- en theatergebeuren.

Hij wenste dat er naast de muziekschool een zaal zou komen, waar niet alleen de studenten maar ook het publiek gelegenheid zou krijgen deel te nemen aan het kunst- en cultuuraanbod. In die zin moet bij Benoit de eerste aanzet worden gezocht van wat uiteindelijk 'deSingel internationale kunstcampus' zou worden.

In 1883 ontwierp het stadsbestuur van Antwerpen de eerste plannen voor een nieuw conservatoriumgebouw, met een toneelzaal die ook als concertzaal zou dienen. De uitvoering van deze plannen werd uitgesteld en Benoit kreeg "voorlopig" een herenhuis aan de Sint-Jacobsmarkt ter beschikking. Het zou meer dan tachtig jaar duren vooraleer een nieuw conservatorium in gebruik genomen zou worden.

Architect Léon Stynen ontwerpt
het Antwerps Conservatorium (1958)

historiek_Stynen
Architect Léon Stynen

In 1958, toen Flor Peeters directeur van het conservatorium was, gaf het ministerie van Openbare Werken aan de architect Léon Stynen de opdracht een groots complex te ontwerpen. In 1964 werd de eerste steen gelegd en in 1968 kon het nieuw Antwerps Conservatorium openen. De tweede fase van de bouw, met de concertzaal, de theaterzaal en de bibliotheek, liet op zich wachten, ondermeer omdat de nodige fondsen ontbraken. Tot de gouverneur van de provincie Antwerpen, Andries Kinsbergen, met het voorstel kwam om BRT 2 Omroep Antwerpen in het complex eveneens een onderkomen te geven. De werken geraakten in 1973 weer op dreef.

Het gebouw krijgt een naam

Ondertussen bedachten Nic van Bruggen (1938-1991, dichter) en Herbert Binneweg (°1944, ontwerper) de naam 'deSingel'. Sommigen zochten in de richting van iets als 'Peter Benoitcentrum'. Maar een neutrale naam, die pas later voor een inhoud zou staan, kreeg de voorkeur. De ligging bij de Desguinlei, die deel uitmaakt van een singel rond de stad, heeft zonder enige twijfel tot de naam geïnspireerd. Herbert Binneweg, docent grafische vormgeving aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen, gaf vorm aan de naam en het toenmalige logo. Zoals het gebouw zelf kregen ook de zalen neutrale namen: de Rode Zaal en de Blauwe Zaal, naar de kleur van de zetels, en de Kleine Zaal.

'Cultureel Centrum deSingel' opent (1980)

historiek_opening80

Koning Boudewijn en Koningin Fabiola
in
het gezelschap van Eugène Traey

Op 4 november 1980 konden de zalen eindelijk officieel in gebruik genomen worden in aanwezigheid van koning Boudewijn en koningin Fabiola. Voor architect Léon Stynen (1899-1990) was het naar eigen zeggen een van de moeilijkste opdrachten uit zijn lange loopbaan.

In de zalen zouden de leerlingen van het conservatorium, toekomstige musici en acteurs, podiumervaring kunnen opdoen en beroepsmensen aan het werk zien. De infrastructuur droeg een enorm cultureel potentieel in zich dat de mogelijkheden van het conservatorium ver oversteeg. Daarom nam Eugène Traey, toenmalig directeur van het Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium, op 1 december 1979 Frie Leysen in dienst om met hem de opening van het zalencomplex voor te bereiden.

De Vlaamse Gemeenschap richtte in 1983 de autonome vzw deSingel op, met als belangrijkste opdrachten het beheer van het gebouw, de ontwikkeling van een eigen programma en de verhuur van de zalen.

DESINGEL WORDT een
INTERNATIONAAL KUNSTCENTRUM

deSingel start met eigen artistieke werking: theater, dans, muziek en architectuur (1983)

historiekband_bergman
Ingmar Bergman

Infrastructureel vulden de Rode en Blauwe Zaal van deSingel een lacune in als volwaardig uitgeruste theater- en danszaal met variabele capaciteit en als moderne concertzaal die tot dan ontbrak in Antwerpen en in Vlaanderen. Een tweede lacune werd ingevuld door de werking van deSingel zelf. De inplanting van deze infrastructuur moest ook een nieuwe artistieke impuls voor gans Vlaanderen betekenen.

historiekband_forsythe
William Forsythe

1983-1984, het eerste seizoen met een eigen programma, toonde klassieke muziek, theater en dans uit binnen- en buitenland. In 1985 opende de eerste architectuurtentoonstelling. Deze unieke combinatie van kunstdisciplines binnen één huis trok een groot en verscheiden publiek aan en werd onmiddellijk opgemerkt in het buitenland. Daar zagen tal van artiesten in deSingel een ideale partner voor de presentatie van hun werk in Vlaanderen.

historiekband_zacharias
Christian Zacharias

Grote internationale artiesten, waaronder theatermaker Ingmar Bergman, choreograaf William Forsythe, pianist Christian Zacharias en zanger Olaf Bär, vonden in deSingel voor het eerst een Vlaams podium. Vlaamse gezelschappen als De Tijd, Rosas en Het Nieuw Belgisch Kamerorkest volgden we op de voet. Met de presentatie van werk van OMA, het bureau van de ondertussen wereldvermaarde Nederlandse architect Rem Koolhaas, naast tentoonstellingen van architecten als Luc Deleu en Aldo Rossi, was ook voor deze discipline de toon gezet.

historiekband_bar
Olaf Bär

Na drie jaar eigen programmering erkende deSingel voor zichzelf zijn 'speerpuntfunctie' in een compromisloze keuze voor artistieke vernieuwing en creatie op Europees niveau. In Vlaanderen was er een taak voor enkele centra die het beste artistieke werk bij ons zouden detecteren en daarvoor eventueel een springplank naar het buitenland zouden vormen, en andersom buitenlandse kunstenaars in Vlaanderen zouden presenteren. Kortom, internationale centra als platformen voor hedendaagse kunsten in een internationale context, waar artiesten zich aan elkaar konden meten én inspireren en waar het geïnteresseerde publiek ze aan het werk kon zien in een breed referentiekader.

Door de overheid erkend als hét internationaal kunstcentrum van Vlaanderen (1990)

Dat er van deSingel belangrijke internationale impulsen uitgingen, was de Vlaamse overheid niet ontgaan: in 1990 erkende toenmalig minister van Cultuur, Patrick Dewael, deSingel als hét internationaal kunstcentrum van Vlaanderen. Door een substantiële verhoging van de werkingsmiddelen in 1990 konden we het programma uitbreiden en sterker internationaliseren. Mede gestuwd door een sterk engagement voor Antwerpen 93 Culturele Hoofdstad van Europa - deSingel was de belangrijkste artistieke partner van het project - werden we een belangrijke presentator en coproducent van podiumkunsten in Europa, een scherp geprofileerde concertorganisator en een gangmaker van het architectuurdebat.

Grote internationale podiumkunstenaars als Merce Cunningham, Heiner Müller, Peter Brook, Pina Bausch en William Forsythe presenteerden vanaf nu hun werk meermaals in de Rode Zaal, naast internationaal gevestigde Vlamingen als Jan Fabre, Anne Teresa De Keersmaeker, Ivo van Hove, Jan Lauwers, Wim Vandekeybus en Alain Platel. Belangrijke internationale coproducties en creaties waren er met onder meer Trisha Brown, Robert Wilson, Christoph Marthaler en Heiner Goebbels. Met een accent op hedendaagse, oude en kamermuziek naast jazz en wereldmuziek bevestigde de Blauwe Zaal haar reputatie als internationaal referentiepodium waar topartiesten en -ensembles als het Arditti Quartet, Valery Gergiev, Radu Lupu, Pierre Boulez, Cecil Taylor en Thomas Zehetmair regelmatig terugkeerden, naast internationaal vermaarde musici uit eigen land als Philippe Herreweghe, Jos van Immerseel, Ictus en Danel Kwartet. Werk van onder meer Elliot Carter, Yannis Xenakis, Luca Francesconi, Harrison Birtwistle, Kaija Saariaho, Karel Goeyvaerts en Luc Van Hove kende in deSingel zijn wereldcreatie. Voor het eerst op de affiche in Vlaanderen stonden internationale coryfeeën als Norman Foster, Jean Nouvel en Daniel Libeskind, naast toen jonge en nu Vlaamse toparchitecten als Stéphane Beel, Paul Robbrecht/Hilde Daem en Xaveer De Geyter. Ter begeleiding van de tentoonstellingen startten we een omvangrijke reeks architectuurpublicaties op in eigen beheer.

historiek_Cunningham.jpg historiek_Muller.jpg historiek_Brook.jpg
Merce Cunningham Heiner Müller Peter Brook
historiek_Bausch.jpg historiek_Fabre.jpg historiek_DeKeersmaeker.jpg
Pina Bausch Jan Fabre Anne Teresa De Keersmaeker
historiek_ivovanhove.gif historiek_Lauwers.gif historiek_Vandekeybus.jpg
Ivo van Hove Jan Lauwers Wim Vandekeybus
historiek_Brown.jpg historiek_Wilson.jpg historiek_Marthaler.jpg
Trisha Brown Robert Wilson Christoph Marthaler
historiek_Goebels.jpg historiek_ARDITTI_Q.jpg historiek_Gergiev.jpg
Heiner Goebbels Arditti Quartet Valery Gergiev
historiek_Lupu_Radu.jpg historiek_Boulez.jpg historiek_Taylor_Cecil.jpg
Radu Lupu Pierre Boulez Cecil Taylor
historiek_Zehetmair.jpg historiek_Van_Immerseel.jpg historiek_Ictus.jpg
Thomas Zehetmair Jos van Immerseel Ictus Kwartet
historiek_Danel_Kwartet.jpg historiek_Carter.jpg historiek_Xenakis.jpg
Danel Kwartet Elliot Carter Yannis Xenakis
historiek_Francesconi.jpg historiek_Birtwistle.jpg historiek_Goeyvaerts_Karel.jpg
Luca Francesconi Harrison Birtwistle Karel Goeyvaerts
historiek_Van_Hove_Luc.jpg historiek_Foster.jpg historiek_Nouvel.jpg
Luc Van Hove Norman Foster Jean Nouvel

In de jaren negentig introduceerden we festivals en evenementen als 'Het Theaterfestival' (als gastheer voor de herneming van Vlaamse en Nederlandse theaterproducties en als animator van het randprogramma gerealiseerd in samenwerking met het Vlaams Theater Instituut) en 'De Nachten' (een jongerenhappening rond muziek en literatuur in samenwerking met Villanella en 5voor12). Andere eenmalige festivals brachten een genre of regio onder de aandacht: 'De Opera' (uitsluitend muziektheatercreaties) en 'Alleen Theater' (rond theatermonologen), 'Azië Centraal' (theater uit Centraal-Azië) of 'Europa/Utopia' (theater uit Centraal- en Oost-Europa).

DESINGEL in het NIEUWe MILLENNIUM:
grandeur en avontuur

"Op grond van de jarenlange ervaring en het geleverde pionierswerk, beschikt deSingel over unieke competenties om als "centre of excellence" in Vlaanderen te functioneren en ook als zodanig door de overheid erkend te worden. De organisatie beschikt over een merkwaardige reeks sterkten: meer dan 20 jaar ervaring, een artistieke autoriteit, erkend in binnen- en buitenland, een internationale onderhandelingspositie, een breed publieksbereik en een sterke ondernemingszin gekoppeld aan een hoge graad van managementvaardigheden."

uit 'Audit in de grote Vlaamse culturele instellingen', Nikè, september 2003 - februari 2004

Samenwerken om internationale kunstproductie te ondersteunen

deSingel maakt deel uit van en opereert binnen verschillende internationale netwerken. Grote festivals, productiehuizen, concertzalen, musea, gezelschappen en orkesten behoren tot de producerende en coproducerende partners. We hebben een sterke internationale positie. Het dient gezegd dat de artistieke directies van een aantal gereputeerde festivals als Edinburgh, Melbourne, Ruhr, Holland en Avignon niet alleen regelmatige bezoekers zijn van deSingel, maar zich ook lovend uitlaten over ons programma. Voormalig schepen van cultuur van de stad Antwerpen, Eric Antonis, schetste de positie van deSingel als volgt: "Dankzij deSingel is het in Antwerpen het hele jaar door Holland Festival".

De hedendaagse internationale kunstcreatie functioneert, op enkele uitzonderingen na, uitsluitend wanneer meerdere organisaties zich engageren. Grote dans-, theater- en muziektheaterproducties kunnen alleen gemaakt worden wanneer de werkingsmiddelen van gezelschappen vermeerderd worden met coproductiebijdragen van partners die zich engageren voor een internationale spreiding. Grote muziekprojecten worden alleen opgezet wanneer een internationale tournee verzekerd is. Grote tentoonstellingen hebben nood aan financiering vanuit verschillende landen. Binnen dit mechanisme zijn alle partners van elkaar afhankelijk: de producenten van hun coproducenten en afnemers, de receptieve en coproducerende organisaties van het engagement van de producenten en de collega-coproducenten. Op deze manier worden de risico's van het maken gedeeld en wordt het internationaal tonen mogelijk gemaakt.


historiek_jesuissan2.jpgWil een organisatie aan die internationale netwerken participeren, dan wordt - ook nu nog - een dergelijk engagement als coproducent verwacht. Dat geldt eveneens voor deSingel. Het zijn bovendien juist die netwerken die ons toelaten om Vlaamse kunstenaars internationaal te introduceren en te ondersteunen. Zo is de tentoonstelling 'B-Architecten Antwerpen', geproduceerd door deSingel en getoond in het voorjaar van 2004, hernomen in het programma van Lille 2004 Capitale Européenne de la Culture. Zo ook introduceerden we het werk van Jan Fabre in het Festival d'Avignon. De wereldcreatie van 'Je suis sang' vond plaats in 2001 in Avignon, met deSingel als coproducent. Later presenteerden we deze productie in deSingel, het begin van een wereldtournee die ondersteund werd door Festival GREC Barcelona en Melbourne Festival, partners waarmee deSingel al jarenlang samenwerkte.

Naast bovengenoemde festivals behoren volgende instellingen tot onze belangrijkste partners in het internationale relatienetwerk van coproducenten:

  • Théâtre de la Ville Parijs voor internationale dansproducties, het theaterwerk van Jan Fabre en niet-westerse concerten
  • Festival Musica Strasbourg voor hedendaagse muziekcreaties
  • Festival Montpellier Danse voor internationale dansproducties
  • Léonard de Vinci-Opéra de Rouen voor creaties hedendaags muziektheater en dans
  • Arc-en-Rêve Bordeaux voor tentoonstellingen architectuur
  • Rotterdamse Schouwburg voor creaties hedendaags muziektheater
  • Holland Festival voor creaties theater, dans en muziektheater
  • Nederlands Architectuur Instituut voor tentoonstellingen architectuur
  • Ruhr Triennale voor creaties podiumkunsten
  • Berliner Festspiele voor creaties podiumkunsten en muziek
  • Tramway Glasgow voor internationaal theater
  • Wiener Festwochen voor creaties podiumkunsten
  • Theorem voor creaties theater uit Midden- en Oost Europa
  • Festival Zürcher Theaterspektakel voor creaties podiumkunsten
  • Kunsthalle Zürich voor tentoonstellingen architectuur
  • Théâtre Vidy-Lausanne voor creaties hedendaags theater
  • Brooklyn Academy of Music (New York) voor creaties hedendaags muziektheater
  • Festival de Théâtre des Amériques (Montréal) voor creaties podiumkunsten
  • Festival RomaEuropa voor creaties podiumkunsten
  • alle culturele hoofdsteden van Europa.

Centre of excellence

In het buitenland wordt deSingel gewaardeerd en beschouwd als 'centre of excellence' onder de Europese kunsthuizen. Er is in Europa geen huis te vinden dat een vergelijkbare werking onder één dak realiseert. Meestal vindt men vergelijkbare programma's verspreid over verschillende huizen in een stad of een land. Bundelt men in Parijs het aanbod van Théâtre de la Ville en Cité de la Musique en voegt men daar de werking van een centrum als Arc-en-Rêve in Bordeaux aan toe dan komt men tot een vergelijkbaar totaalprogramma. In Rotterdam moet men daarvoor de Schouwburg, De Doelen en het Nederlands Architectuur Instituut clusteren. Het Walker Art Center (Minneapolis, USA) leunt inhoudelijk aan bij deSingel, zij het dat in de muziekprogrammering het luik 'klassiek' quasi niet aanwezig is en dat tentoonstellingen en beeldcultuur centraal staan in het totaalprogramma.

Grootschalig, spits en grensverleggend

deSingel blijft zich binnen zijn unieke infrastructuur toeleggen op het tonen en coproduceren van grootschalige, grensverleggende producties podiumkunsten. Voor muziek wordt er spits geselecteerd uit binnen- en buitenlandse kwaliteitsensembles. D architectuurtentoonstellingen bewegen zich van pure architectuur tot het grensgebied tussen architectuur, beeldende kunst en stedelijkheid.

Het artistiek beleid van deSingel is steeds een samenhangend en productief spanningsveld gebleven tussen het vertrouwde en het onbekende, tussen gevestigd en nieuw, tussen lokaal en internationaal, tussen kunst en samenleving. In functie daarvan werd en wordt het aanbod voortdurend bijgeschaafd en is het continu in beweging. Naast het gevestigde en grootschalig vernieuwende blijven we binnen een internationaal kader zoeken naar het experimentele en kleinschalige, om zo een breder spectrum van de hedendaagse kunstpraktijk te tonen. We ontwikkelen specifieke presentatievormen, complementair aan de bestaande, om een ander, vaak uniek, daglicht te werpen op waardevolle programma's.

Nieuwe initiatieven uit het eerste decennium:

  • de grootschalige componistenhappenings, in samenwerking met deFilharmonie (met een hele dag of een weekend lang internationale topvertolkers naast conservatoriumstudenten op het podium met uitsluitend werk van één componist, bijvoorbeeld Sjostakovitsj of Stravinsky)

    historiek_comphappening.jpg
  • het driedaags festival hedendaagse muziek music@venture, in samenwerking met het Festival van Vlaanderen Antwerpen (gespecialiseerde ensembles uit binnen- en buitenland met nieuw werk binnen een muzikaal referentiekader dat bepaald is door curatoren als Luc Van Hove en Jonathan Harvey)
  • het project 'Curating the Library' (het uitbouwen van een subjectieve bibliotheek; kunstenaars als Luc Tuymans, William Forsythe, Dirk Braeckman en Thomas Hirschhorn stelden hun favoriete boeken voor; de boeken en de dvd-opnamen van hun presentatie werden in een bibliotheek geplaatst ter consultatie)

    historiek_ctl_kl.jpg
  • het project 'Curating the Campus' (een project waarin kunstwerken van onder meer Matt Mullican en Rémy Zaugg langdurig dialogeren met het gebouw)

    historiek_mullican_kl.jpg
  • de experimentele eendagshappenings 'dedonderdagen' (met een zoekende generatie kunstenaars als Der Rote Bereich, Kris Verdonck, Patricia Portela en Tino Sehgal in een avontuurlijke dialoog met het publiek)

    historiek_dedonderdagen_kl.jpg
  • de thematische 'Clusters' voor jongeren, in samenwerking met Villanella (een reeks van themadagen of -avonden met een verbinding tussen kunst, politiek en wetenschap).

Multidisciplinair en internationaal

De seizoenen bundelen nog steeds een uitgebreid en selectief aanbod muziek, theater, dans en architectuur. Door de grootschaligheid en omwille van de vermenging van disciplines onderscheiden we ons in Vlaanderen sterk van andere podia en kunstorganisaties. Naast Vlaamse premières en exclusieve presentatiereeksen van topproducties uit de internationale podiumkunsten, waaronder Ariane Mnouchkines 'Tambours sur la Digue' (2000), realiseren Vlaamse artiesten geregeld wereldcreaties waarmee zij vervolgens de internationale podia aandoen. Denken we maar aan verschillende producties van residenten Jan Fabre en Philippe Herreweghe of aan de hedendaagse opera 'The Woman who walked into doors' van Het muziek Lod, met muziek van Kris Defoort en in een regie van Guy Cassiers, waarin ook de Beethoven Academie - destijds huisorkest van deSingel -, het Danel Kwartet, Dreamtime, de Munt en Ro-Theater zich engageerden. Deze productie werd gecreëerd in 2001 en heeft zeer lang getourneerd op internationale podia.

Instelling van de Vlaamse Gemeenschap

Juist door de unieke internationale, grootschalige, multidisciplinaire dimensie wordt ons programma ten opzichte van grote kunstencentra, operahuizen, concertzalen, festivals en musea in het Vlaamse kunstenlandschap als complementair en noodzakelijk ervaren. Dergelijke rol is in Vlaanderen slechts voor één centrum weggelegd.

Deze positie in het Vlaamse en internationale kunstenlandschap werd in 2003 in eigen land formeel erkend door het statuut van 'Instelling van de Vlaamse Gemeenschap'. Deze instellingen hebben een specifieke positie en opdracht binnen het Vlaamse kunstenlandschap. Samen vertegenwoordigen ze een belangrijk symbolisch kapitaal voor de gemeenschap. deSingel werkt samen met ieder van deze instellingen, hetzij op structurele basis, hetzij occasioneel.

op naar de kunstcampus

schets_Stephane_Beel.jpgIn het najaar van 2007 werd gestart met de nieuwbouw voor de kunstcampus deSingel, een ambitieus bouwplan met productiezalen podiumkunsten en muziek, een tentoonstellingsruimte, een leeszaal, een ticketshop, kantoren voor het Vlaams Architectuurinstituut, een ruim café-restaurant en tal van lokalen voor het Conservatorium. Deze nieuwbouw moest meteen ook de veruiterlijking van het grote inhoudelijke toekomstproject van deSingel worden, de realisatie van een unieke en internationale kunstcampus. Een plaats waar kunst niet alleen wordt getoond, maar ook wordt aangeleerd en gemaakt.

Vele elementen daarvan waren reeds in de werking geïntegreerd. In de eerste plaats met de autonome kunstopleidingen zelf: het Koninklijk Conservatorium van de AP Hogeschool voor drama, muziek en dans, de posthogeschool voor podiumkunsten a.pass, het Sabbattini Tewerkstellingsinitiatief. Daarnaast werden ook steeds meer extra activiteiten geïnduceerd die de interactie tussen het kunstprogramma, de kunstproductie en de leeromgeving beoogden. Dit zowel voor de studenten als de bezoekers.

Stormloop op deSingel:
opening met meer dan 15.000 bezoekers

015_Prins_Filip-Prinses_Mathilde_gouverneur_Berx_begroeten_Beel_Sven_vanBaarle.jpgOp vrijdag 1 oktober 2010 was het zover: in aanwezigheid van meer dan 1.000 gasten uit binnen- en buitenland huldigden Vlaams minister-president Kris Peeters, minister van Cultuur Joke Schauvliege en minister van Onderwijs Pascal Smet het nieuwe gebouw in. Prins Filip en prinses Mathilde mochten als eersten de nieuwe infrastructuur bezoeken, samen met architect Stéphane Beel en tal van andere hoogwaardigheidsbekleders. Zo'n 200 muzikanten en dansers voerden verspreid over de zalen en klassen van de nieuwe infrastructuur simultaan 'In C' van Terry Riley uit. Het werk culmineerde in een beklijvende apotheose in de binnentuin van deSingel. Aansluitend maakte de Franse kunstenaar Antoine Le Menestrel letterlijk een luchtbrug op de site: hij klom van het bestaande gebouw van Léon Stynen naar het nieuwe gebouw van Stéphane Beel.

162_Blauwe_Zaal_overvol_Sven_vanBaarle.jpgZaterdag 2 oktober werd de opening gevierd met een groots kunstenfeest dat een waaier aan voorstellingen en concerten presenteerde in alle zalen en studio's van deSingel en het Koninklijk Conservatorium van de Artesis Hogeschool. Van 14 uur 's namiddags tot 3 uur 's nachts stonden tal van artiesten uit binnen- en buitenland op het programma, gaande van Alfred Brendel over Romeo Castellucci, Ivo van Hove en Claude Régy tot Jaap van Zweden.

191_rondleiding_Sven_vanBaarle.jpg

Zondag 3 oktober was er een massale belangstelling voor de nieuwbouw, ontworpen door architect Stéphane Beel. Tijdens het wandelparcours konden de bezoekers niet alleen genieten van Beels transparante infrastructuur. Tegelijk konden ze in de nieuwe zalen, studio's en klaslokalen het werkproces bekijken van zo'n 500 conservatoriumstudenten muziek, dans en drama.


deSingelville, een kunstbiotoop

207_Studio_Top_dansklas_Sven_vanBaarle.jpgZowel voor kunstenaars, studenten als publiek is de uitbreiding van deSingel een meer dan geslaagd project. Het productie- en coproductiewerk kan in de nieuwbouw heel wat natuurlijker verlopen. Het publiek kan kennismaken met work-in-progress of met de creatie van een productie. Studenten beschikken over een volwaardige studie- en repetitieïnfrastructuur.

Toeleiding en educatie zijn belangrijke sleutelwoorden op de nieuwe kunstcampus. We hebben het immers steeds belangrijk gevonden om kunst niet alleen te tonen, maar ook de productie ervan te faciliteren en voor het publiek tal van vormen van toeleiding te voorzien. Met veel aandacht voor al dan niet publieke workshops en masterclasses, omkaderende informatie bij de artistieke activiteit, publieke repetities, lezingen en colloquia. Met een leeszaal die makkelijk toegang verleent aan zowel de onderzoeker als de leek tot alle mogelijke informatie over kunst. En met het Grand café deSingel: een plek die u toelaat om uw indrukken te verwerken, rustig genietend bij een tasje koffie, of in bevlogen gezelschap natafelend over een beklijvende voorstelling of masterclass.