Niet om de sprookjes die hem onsterfelijk zouden maken stond Hans Christian Andersen bekend. Tijdens zijn leven genoot hij vooral faam voor zijn libretto's en muziekkritieken. Bovendien was hij goed bevriend met die andere Scandinavische grootheid, Edvard Grieg. Samen stichtten ze in Kopenhagen een concertvereniging ten bate van nieuwe Scandinavische muziek. De Noorse componist bewonderde de zangerigheid van Andersens lyriek en zette ettelijke van zijn gedichten op muziek. De sprookjes van de Deen sluiten dan weer wonderwel aan bij Griegs 'Lyrische Stücke', in totaal zesenzestig miniaturen met tot de verbeelding sprekende titels als 'Trollenmars', 'Stilte van het woud', 'Spook' en 'Elfendans'. Een pianist en een acteur herenigen de twee vrienden door een keur van deze evocatieve kleinodiën te vervlechten met twee van Andersens beste griezelgrappige sprookjes, 'De schaduw' en 'De wilde Zwanen'. Rasverteller Dimitri Leue wekt de sprookjeswereld van Andersen tot leven. Samen met de poëtische pianist Kiyotaka Izumi staat hij garant voor een hoogfeest van muziekvertelkunst.